Maatregelen ten voordele van Sjögrenpatiënten
Dr. P.C.M. de Wilde
Uit: Diagnostische criteria voor het SS Nederl. NVSP
Het Koninklijk Besluit van eind juli 2007 voorziet een tegemoetkoming van 20 euro per maand aan patiënten die lijden aan het primaire Sjögrens-yndroom en die voldoen aan de onderstaande criteria.
Diagnostische criteria van het primaire SS:
- symptomen van droge ogen;
- symptomen van droge mond;
- objectieve tekens van droge ogen
- Schirmer ≤ 5
- lissamine groen ≥ 4;
- objectieve tekens van droge mond
- speekselflux < 0,1 ml/min
- of afwijkende speekselklierscintigrafie
- of afwijkende parotiskliersialografie;
- focale lymfocytaire speekselklierontsteking met focusscore ≥ 1 (graad 3 of 4 volgens de classificatie van Chisholm)
- aanwezigheid van anti-Ro(SS-A) en/of anti-La(SS-B)
De patiënt moet aan ten minste 4 criteria voldoen, waaronder verplicht de aanwezigheid ofwel van antinucleaire anti-Ro(SS-A) en/of anti-La(SS-B) antilichamen, ofwel van een lymfocytair speekselklierinfiltraat (focusscore ≥ 1 of graad 3 of 4 volgens de classificatie van Chisholm) bij de biopsie van speekselkliertjes.
De forfaitaire tegemoetkoming moet in de eerste plaats de kosten dekken voor de oogverzorging, nl. voor de aankoop van kunsttranen en ooggel.
Deze tegemoetkoming wordt toegekend door de mutualiteit waarbij de betrokken patiënt is ingeschreven of aangesloten, op voorlegging van een verklaring afgeleverd door een gespecialiseerde geneesheer in de reumatologie en waaruit blijkt dat de patiënt beantwoordt aan de voorwaarden.
De maandelijkse forfaitaire tegemoetkoming zal voor de eerste keer geïndexeerd worden op 1 januari 2009.
Toelichtingen
Diagnostische criteria
Meer uitleg hierover vindt u in het CIB-TS nr. 29 blz. 6-7 en nr. 30 blz. 6-10.
De folder over het Sjögren-Syndroom geeft ook een beknopte uitleg.
Lissamine-groen Hiermee test men de graad van uitdroging van het oog.
Focale lymfocytaire speekselklierontsteking
met focusscore ≥ 1 volgens classificatie van Chisholm bij een lipbiopt
In 1968 beschrijven Chisholm en Mason voor het eerst uitvoerig de veranderingen in het weefsel van de speekselkliertjes van de onderlip. Ze introduceren een belangrijk criterium voor het Sjögren-syndroom. Een chronische ontsteking van de speekselkliertjes uit de onderlip met meer dan één lymfocytaire focus per 4 vierkante mm speekselklierweefsel werd toen alleen bij Sjögren gezien.
Lymfocyten behoren tot de witte bloedcellen en spelen een centrale rol in de afweerreacties. In geval van een ontsteking treden de lymfocyten uit de bloedbaan en vormen dan in het weefsel de z.g. lymfocytaire ontstekingsinfiltraten.
Een ophoping van ten minste 50 lymfocyten in een speekselklier vormt een lymfocytaire focus. De lymfocytaire focus score is het aantal lymfocytaire foci per 4 vierkante mm speekselklierweefsel.
Een lipbiopsie op zichzelf levert geen bewijs van SS. Zelfs bij Chisholm en Mason hadden 40% van hun SS-patiënten geen focusscore hoger dan 1. In de literatuur worden percentages genoemd tussen 18% en 60%. Dit wil dus zeggen dat er mogelijk sprake kan zijn van een aanzienlijk aantal fout-negatieve diagnosen op basis van het lipbiopt.
Terug naar Artikels
|